EVA WAS EERST Niburu - Sitchin - Planeet X - komeet Elenin

 

 

Niburu

 

 

 

Zeharia Sitchin (1920-2010) geboren in Azerbeidzjan en Amerikaans staatsburger, studeerde aan de universiteit van Londen waar hij een diploma economische geschiedenis behaalde. Hij was onderzoeker en auteur van controversiŰle boeken over het ontstaan van de mens. Zijn levenslange passie bestond uit het vertalen van oude teksten. Zijn vertalingen werden echter met de grond gelijkgemaakt door wetenschappers als MichaŰl S. Heiser en Peter James, wat niet wegneemt dat oude teksten en zeker de pakweg zesduizend jaar oude Soemerische kleitabletten ook voor hen ongetwijfeld heel wat raadsels moeten inhouden. Sitchin baseerde zich tevens op andere bronnen dan die oude teksten, zoals op het werk van Immanuel Velikovsky, een al even beschimpt man die -terloops gezegd- wel een goede vriend was van Albert Einstein.

 

De binnenste planeten van ons zonnestelsel. De massa's witte stippen zijn astero´den tussen Mars en Jupiter. Voorbij Neptunus (hier niet afgebeeld wegens te veraf) bevindt zich nog een gordel met astero´den (de Kuipergordel). En 'oneindig' veel verder is er de Oortwolk die als een schil van astero´den ons zonnestelsel als het ware omsluit.

 

 

Sitchin beweerde in de jaren 70 dat een nog onontdekte planeet, Niburu -ook wel Nibiru genaamd- een langgerekte baan volgt om de zon. De planeet zou vier tot vijf keer groter zijn dan de aarde. 'Om de 3600 jaar komt de planeet langs, waarbij zij de astero´dengordels van ons zonnestelsel door elkaar schudt, met de ene keer al wat meer catastrofale gevolgen dan de andere voor het leven op aarde.' Sitchin werd -en wordt nog steeds- om zijn 'pseudowetenschappelijke uitlatingen' verguisd.

 

Toch sloten beroemde wetenschappers in 1988 het bestaan van een onbekende planeet in ons zonnestelsel niet meer uit. Opgelet: klik op het pijltje 'vorige pagina' in je browser om terug te keren naar deze site als je de verwijzing naar het volgende artikel hebt gevolgd.

 

In 1992 kwam NASA met het volgende statement naar buiten: 'Onverklaarbare afwijkingen in de banen van Uranus en Neptunus wijzen op een groot hemellichaam dat zich voorbij Pluto bevindt en dat wellicht een ellipsvormige baan volgt om de zon.'

 

Geleerden schamen er zich ondertussen hoe langer, hoe minder voor om hardop te zeggen dat onze zon een tweelingzus 'zou kunnen hebben'. Sterren met een tweelingzus zijn nu eenmaal eerder regel dan uitzondering. Het wordt trouwens stilaan duidelijk dat er veel meer sterren zijn dan we nog maar vermoeden, omdat sterren niet altijd licht uitstralen. Voorwaarde is dan wel dat we bruine dwergen als sterren catalogeren, wat men niet echt een bezwaar kan noemen, omdat het uitgedoofde sterren zijn.

 

Wat vooral opvalt, is dat de grootste wetenschappers de laatste jaren hun kar aan het keren zijn. Wat decennialang door vermaarde astronomen werd bestempeld als 'te gek om los te lopen', wordt nu ineens volgens andere -al even vermaarde astronomen- de normaalste zaak van de wereld. Dave Jewitt, Mike Brown, Patryk Lykawka en vele anderen zijn het er dan ook over eens: 'Voorbij Neptunus kan zich met het grootste gemak een reusachtig hemellichaam ophouden. De kans dat wij het vandaag al hadden ontdekt, is miniem.' Ondertussen hebben ze hun mening wat bijgeschaafd en lijken ze eerder 'voorbij de Kuipergordel' te bedoelen.

 

 

Mars, Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus volgen op de aarde. In het eerste decennium van deze eeuw heeft men een aantal dwergplaneten ontdekt waaronder Sedna en Eris. Sedna doet er zo'n 12.000 jaar over om haar baan om de zon te voltooien, Eris 557 jaar. De ontdekkingen waren buitengewone toevalstreffers, maar het hek is van de dam en de planetenjacht is nu pas echt begonnen. Of om het met de veertig jaar oude woorden van Sitchin te zeggen: 'Binnenkort zal blijken dat ons zonnestelsel nog heel wat verrassingen in petto heeft.'

 

Om een beeld te geven van de grootte van ons zonnestelsel en het weinige dat we ervan afweten: De Kuipergordel, waar Pluto en Eris in vertoeven, bevindt zich tussen de dertig en vijftig keer de afstand zon/aarde, de Oortwolk tussen de 50.000 en 100.000 keer die afstand (een lichtjaar bedraagt 63.240 keer de afstand zon/aarde). Tot daar oefent de aantrekkingskracht van de zon nog merkbare invloed uit. Sommigen zien de baan van Neptunus als de rand van ons zonnestelsel, maar eigenlijk ligt die rand dus pakweg tweeduizend keer verder. De Voyagers, gelanceerd in de jaren 70, klieven momenteel door de Kuipergordel aan zowat 60.000 km per uur. De kans dat ze een astero´de nog maar tegenkomen, is -ondanks de miljarden exemplaren die er rondzweven- zo goed als nihil. Het zal nog tienduizend jaar duren vooraleer ze de Oortwolk nog maar bereiken. Over die schil van astero´den, weet trouwens niemand iets met zekerheid. Men heeft alleen theoretische modellen. Hoewel sommigen beweren dat Sedna tot de binnenste rand van de Oortwolk behoort.

 

Hij zei anders echt wel merkwaardige dingen, die Sitchin. 't Is te zeggen, de Soemerische teksten hebben het volgens hem over merkwaardige dingen. Zo zal Niburu opnieuw langskomen in 2085. De bewoners ervan, de Anunnaki, zouden de mens hebben geschapen uit vrouwelijke apen en hem als slaaf hebben gebruikt. De mens moest goud ontginnen om Niburu te beschermen. Niet tegen opwarming zoals op aarde het geval is, maar tegen afkoeling. Niburu zou immers zelf warmte uitstralen. Haar atmosfeer had echter aan kracht ingeboet, waardoor de planeet te sterk afkoelde. En goudstof in die atmosfeer moest het warmteverlies tegengaan.

 

Ondertussen speurt men wereldwijd het firmament af, op zoek naar Niburu. NASA met haar supergevoelige apparatuur, is als leidinggevende organisatie formeel: 'Los van de dwergplaneten, hebben wij voorbij Neptunus nog geen nieuwe planeet ontdekt.' De naam Niburu is uiteraard taboe voor de echte wetenschappers. Voor hen is het 'planeet X'. Hoewel Tyche en Nemesis ook de ronde doen. Maar 'What's in a name?'.

 

Volgende