EVA WAS EERST Maan - lichten - LTP - Apollo astronauten

 

 

1965 (Gemini 7): Foto genomen door NASA astronaut Frank Borman op een hoogte van circa 320 km. Over de echtheid van de foto is veel inkt gevloeid. Doch astronauten beschreven in het verleden vaak gelijkaardige lichtfenomenen. In originele geluidsopnamen hebben ze het soms over bogeys (UFO's). Later relativeerden zij telkens weer hun uitspraken, zo niet, dan deden anderen dat in hun plaats.

 

 

Zo zouden de lichten in de ruimte en boven het maanoppervlak er uitzien. Lichten als dit (met of zonder zwart punt in het midden) werden al te vaak beschreven en gezien - onder meer op dit NASA scherm -. De lichten komen zowel in het luchtruim voor, als op de maan. Dat ze door sommige onderzoekers werden verward met de weerkaatsing van de zon in de kraters op de maan, dat ze soms simpelweg ijskristallen of stofdeeltjes waren die zich op de lens van de camera bevonden, of dat het soms ging om ruimteschroot: Het klopt wellicht allemaal (in sommige gevallen). Vergissingen of schromelijke overdrijvingen werden echter zodanig in de verf gezet dat alle waarheden over de mysterieuze lichten nu ongeloofwaardig in de oren klinken. Spijtig, maar helaas.

 

 

Mysterieuze lichten

 

 

In de atmosfeer doen zich vaak elektromagnetische ontladingen voor. De lichtverschijnselen die ze met zich meebrengen - van jets, sprites, elves tot bolbliksem - hebben weliswaar nog geheimen, maar 'bezield', zoals de bollen die in deze rubriek aan bod komen, zijn ze klaarblijkelijk niet.

 

Andere lichtbollen lijken dat echter wl te zijn. Massa's getuigen overal ter wereld zijn het roerend eens: 'Wij zagen lichtbollen die een eigen leven leken te leiden. Ze namen de meest onmogelijke bochten, verdwenen plots om ergens anders opnieuw op te duiken.'

 

Sinds de jaren vijftig weet men dat die lichten ook in de hogere atmosfeer voorkomen. Daarnaast blijkt uit verklaringen van Apollo astronauten - hier moet men uiteraard wat tussen de regels lezen - dat ze zich eveneens in de buurt van de maan bevinden. Neil Armstrong - of all people - was er ondersteboven van, 'off the record' natuurlijk.

 

Zowel in de aardse atmosfeer als in de omgeving van de maan blijken dus gelijkaardige lichtbollen voor te komen.

 

Deze op de maan rekenen sommigen, bij gebrek aan alternatief, bij de meer algemene LTP of Lunar Transient Phenomena - voorbijgaande maanfenomenen - die astronomen al eeuwenlang intrigeren en waarvan men, mogelijk terecht, beweert ze een gezichtsbegoocheling zijn. Atmosferische toestanden zorgen er namelijk voor dat we van op de aarde, op de maan veelvuldig lichtnevels zien die er misschien niet zijn. Zo worden de zogenaamde LTP nooit gelijktijdig van op meerdere plaatsen op aarde waargenomen.

 

Het zijn echter niet de 'lichtnevels' die intrigeren, maar de veel kleinere 'levende' lichtbollen - beter zijn ze niet te omschrijven -. Ex nazi wetenschappers (en andere) hebben er hun mond over voorbijgepraat. Zij dachten dat het buitenaardse ruimteschepen waren. Astronauten konden er, tot ergernis van hun superieuren, niet over zwijgen. Speculaties over hun oorsprong kwamen van overal, maar geen enkele verklaring hield stand.

 

Blijkbaar vonden de beste onderzoekers, die beschikten over de meest gesofisticeerde middelen, dus geen uitleg voor het fenomeen. Hoewel het natuurlijk ook kan dat men ons liever in het ongewisse liet (laat).

 

Men is het er wel over eens dat de lichtbollen te maken hebben met elektromagnetisme, waarvan niemand weet waar het op de maan vandaan kan komen (ook niet van zonnewinden en vulkanische gassen).

 

Sommigen beweren dat astronauten de bollen op de maan als 'bezield' hebben omschreven. En uit de reacties van onder meer Armstrong blijkt dat die beweringen wellicht kloppen. Maar het spreekt vanzelf dat zoiets door de autoriteiten wordt ontkend.

 

 

Update: januari 2012
Volgende Tip: druk op de terugtoets (toets om terug te keren naar de vorige pagina) dan komt u op de juiste plaats in het overzicht terecht.